'Voor ieder kind is er een boek te vinden'

Ruim 60 leerkrachten, leesbevorderaars, onderwijsontwikkelaars en kwartiermakers kwamen op 20 april bijeen in De Kennismakerij voor de Inspiratiemiddag van Uitgeverij Zwijsen. Met workshops en lezingen op het gebied van leesbevordering hadden alle aanwezigen hetzelfde doel voor ogen: kinderen met plezier een kwartier per dag laten lezen en leesbevordering op de kaart zetten.

‘Ja, dank je wel met je boor, hè!’ Kinderboekenambassadeur Jan Paul Schutten kijkt met zijn microfoon in de hand geamuseerd naar het naastgelegen pand in de industriële Spoorzone, het gebied in ontwikkeling in Tilburg. De Kennismakerij, waar Uitgeverij Zwijsen deze inspiratiemiddag organiseert, wordt overstemd door aanhoudend boorgeluid in een van de ruimten ernaast. Een snelle verhuizing naar de andere kant van het gebouw brengt de rust terug. Schutten is op dreef in zijn voordracht.

Kinderboekenambassadeur Jan Paul Schutten

Kinderboekenambassadeur Jan Paul Schutten

De kinderboekenambassadeur krijgt de aanwezigen meteen aan het lachen: ‘Wat gaan we vanmiddag doen? We gaan lezen promoten. Een kwartiertje per dag maakt al een groot verschil.’ Hij wijst op zijn PowerPoint, met daarop een plaatje van een dansende dame: ‘Ik wil dat jullie zo blij als een Tena Lady naar huis gaan!’ grapt hij. De sfeer is meteen ontspannen. Een kwartier lezen per dag, dat blijkt vrijwel iedereen al te doen in de klas. En het is nodig, blijkt uit wetenschappelijk onderzoek.

Voordelen van lezen
De cijfers die onderwijsontwikkelaar, auteur en AVI-deskundige Marion van der Meulen laat zien, ondersteunen dat: kinderen uit een taalrijk milieu komen de basisschool binnen met een gemiddelde woordenschat van 3000 woorden, kinderen uit taalarme milieus kennen dan zo’n 1000 woorden. In de basisschooljaren die volgen, loopt dat verschil op: kinderen uit de taalrijke milieus kennen aan het eind van de basisschool 6000 woorden, terwijl kinderen uit taalarme milieus dat aantal pas veel later behalen en niet voldoen aan de basiswoordenschat voor het voortgezet onderwijs. ‘Dit komt vooral ook door de andere manier van praten en taal aanbieden in taalarme milieus,’ zegt Van der Meulen.

Daarnaast blijkt dat goed kunnen lezen nog meer grote voordelen heeft. Zo zorgt een kwartiertje lezen per dag dat kinderen 1 miljoen woorden per jaar zien. Marion van der Meulen: ‘Lezen is de toegang tot onderwijs. Kinderen die thuis boeken hebben, gaan gemiddeld drie jaar langer naar school dan kinderen die thuis niet met boeken in aanraking komen. Kinderen die veel lezen, scoren eveneens beter op de Cito-toetsen. Langere scholing is de sleutel voor goede banen en structurele inkomens. Om zich te kunnen redden in deze wereld moet een kind goed kunnen lezen. Zeker in deze digitale tijd, waarin we meer moeten lezen dan ooit.’

Ontwikkelaar, auteur en AVI-deskundige Marion van der Meulen

Ontwikkelaar, auteur en AVI-deskundige Marion van der Meulen

Enthousiast maken
Hoe zorg je als leerkracht er echter voor dat kinderen lezen ook leuk gaan vinden? Het mag soms onmogelijk lijken, maar dat is niet zo, meent Jan Paul Schutten. ‘Voor iedereen, echt ieder kind, is er een boek te vinden,’ is zijn overtuiging. Hij geeft aansprekende voorbeelden van kinderen die op het eerste gezicht lezen echt niet leuk vonden. Toch lukte het hem en zijn internationale collega-kinderboekenambassadeurs iedere keer. ‘De Australische Jackie French is de perfecte ambassadeur. Ze haat lezen, is zwaar dyslectisch en kan nauwelijks schrijven. Toch kreeg zij kinderen enthousiast aan het lezen. Zo gaat het verhaal dat ze op pad ging met een doos donuts en een heel gevarieerde boekenlijst. Geen enkel kind koos voor de donuts, maar wel voor de lijst met boeken. Ik ken haar niet persoonlijk, maar ik geloof haar.’

Ook Schutten zelf kreeg kinderen enthousiast. Hoe? Door dóór te vragen naar hun interesses. Hij geeft meerdere tips aan de luisteraars mee: ‘Maak kinderen ook nieuwsgierig. Lees een stukje voor en zeg dan dat het boek eigenlijk voor oudere kinderen is en stop dan. Dat werkt als een tierelier!’ Als je de gave hebt om verhalen te vertellen, doe dat dan. ‘Iedereen houdt van verhalen. Er is geen kind dat nadat je aan een verhaal begonnen bent, zal zeggen dat het liever wil rekenen.’ En, besluit de kinderboekenschrijver, inspireer ongemerkt: ‘Laat kinderen zelf ontdekken wat ze mooi en leuk vinden.’

Marion van de Meulen vervolgt: ‘Dompel kinderen onder in taal en lezen. Lees ze voor, laat ze zelf ontdekken welke verhalen ze leuk vinden en laat ze lezen, lezen, lezen. Vaak stoppen ouders na groep 3 met lezen en voorlezen. Ze denken dan: ze kunnen het nu zelf. Toch is goed kunnen lezen hetzelfde als topsport: je moet het iedere dag oefenen en blijven oefenen om er steeds beter in te worden. Het is geen truc die je aanleert en vanaf dan kunt opvoeren. Praat met kinderen over wat ze lezen en stel ze open vragen. Toets ze nooit, maar laat ze zien dat lezen heel veel plezier geeft. Als een kind in de klas vertelt over een boek, zijn er altijd andere kinderen die dat boek dan óók willen lezen.’

Workshops
En dan kunnen deelnemers zelf aan de slag tijdens de twee workshops. De aanwezigen worden in twee groepen verdeeld. De eerste groep volgt de workshop ‘De Boekenproeverij. Een reis door kinderboekenland’ door onderwijsontwikkelaar Susanne Oosterveen. Aan tafel krijgen de deelnemers boeken ‘voorgeschoteld’, alsof het een echte proeverij betreft. Voor de gelegenheid heeft Oosterveen - als een echte ober - een schort omgeknoopt. Ze laat de groep proeven van verschillende smaken kinderboeken. Het doel van de proeverij: kinderen in aanraking laten komen met zo veel mogelijk genres, auteurs en boeken die ze normaal gesproken niet snel zullen kiezen. Een prima manier om in een korte tijd veel boeken te bekijken en onderling tips uit te wisselen. Belangrijkste bij deze werkvorm is dat motivatie voorop staat.

Workshop 'De Boekenproeverij'

Workshop 'De Boekenproeverij'

Ook in workshop twee gaat de groep aan de slag. Kinderboekenillustrator Daniëlle Schothorst laat verschillende prints van boekcovers zien. Via multiple choice moeten de aanwezigen de best passende titel bij de illustratie zoeken. Op deze wijze kunnen kinderen spelenderwijs bezig zijn met de hoofdgedachte van een boek. Ook in een grotere groep is dit in te passen: laat de cover zonder titel zien en lees een stukje voor. Daarna kiest de klas de beste titel.

Met een goodiebag gaan de bezoekers naar huis, én met veel handvatten om 15 minuten lezen nog leuker te maken voor kinderen.

Deel met anderen